Matteüs 5,1-12

Gemeente van Jezus Christus, vrienden van G’d,

Vandaag wil ik graag met u stilstaan bij iets wat niet wordt verteld in de gedeeltes die zijn gelezen.

Dat is een beetje lastig en op het moment dat ik dit schrijf, weet ik ook niet zo goed wat het ons zal brengen.

Toen ik les gaf aan jonge matrozen in opleidingtekende ik soms een lijn op het bord.

Met enig gevoel voor drama vertelde ik dandat het beginpunt het moment is waarop je bent geborenen het eindpunt is je dood.

Die twee punten staan zo gezegd vast.

Maar waar je invloed op hebt,is hoe de lijn van het ene naar het andere punt loopt.

Het beeld dat je leven van een beginpuntnaar een eindpunt verloopt,maar ook mooi helder dat je in het verleden – gisteren – keuzes hebt gemaakt die bepaald hebben waar je vandaag bent, en dat je dat je vandaag keuzes maakt die bepalen waar je morgen zult zijn.

Je leven vandaag wordt dus gekleurd zowel door het verleden als de toekomst; door waar je vandaan komt als waar je naartoe op weg bent.

Dit geldt, denk ik maar zo, ook voor geloven, voor wat wij geloven en voor de wijze waarop wij daar vorm aan geven.

Of om het nog ‘ns anders te zeggen: wat is je vertrekpunt, je uitgangspunt en wat je toekomstperspectief, je droom, je idealen.

Die twee bepalen hoe je vandaag in het leven staat.

Aanvankelijk had ik me voorgenomen om vandaag samen met u die zaligsprekingen van Jezus dieper te doorgronden.

Dat kwam door een zinnetje van Dietrich Bonhoeffer waar ik afgelopen week toevallig op stuitte.

Bonhoeffer schrijft in 1935 aan zijn broer dat het herstel van de kerk onder meer afhankelijk zal zijn van een onvoorwaardelijk leven volgens de Bergrede in navolging van Christus.

Maar diezelfde dag las ik ook nog een ander zinnetje namelijk dat Jezus ons niet alleen oproept om te geloven maar ook om Hem te volgen.

Maar waarom, vraag ik me af, waarom zou je dat doen?

Waarom zou je überhaupt gehoor geven aan Jezus’ woorden?

Waarom zou je überhaupt luisteren naar wat Hij te zeggen heeft?

En die vragen verleggen de aandacht van de zaligsprekingen naar de verzen die daaraan voorafgaan.

Een mensenmassa volgt Jezus.

Ze komen op hem af vanwege de verhalen die over hem de ronde gaan.

Het verhaal gaat dat Jezus elke ziekte geneest – en dus komen ze van heinde en verre om allen die het slecht hebben bij hem te brengen.

En Jezus geneest ze.

Logisch dat ze Hem volgen, mensen evolueren – maar 2000 jaar maakt niet zo’n groot verschil: ook vandaag de dag trekken wonderlijke genezers – denk maar even terug aan Jomanda – volle zalen, week in week uit, van heinde en verre komen mensen erop af.

Volstrekt begrijpelijk als je ziek en ten einde raad bent.

Maar met alle respect, aan die zaligsprekingen heb je dan niet veel.

Dus waarom zou je daarnaar luisteren?

En ook: waarom vertelt Jezus het eigenlijk?

Volgens Pinchas Lapide omvat de Bergrede de kern van wat Jezus geleerd heeft – die Bergrede loopt overigens door tot hoofdstuk 8.

‘Bergrede’ is volgens Lapide trouwens een verkeerd woord.

Jezus houdt geen verhaal, houdt niet zozeer een rede, al helemaal geen preek, maar Hij leert de mensen om Hem heen: de Bergrede is veeleer een Bergleer, een levensleer, die er niet zozeer om vraagt om begrepen te worden maar om gedaan te worden.

Zoals Jezus later zelf aangeeft met die bekende woorden “ieder die deze woorden van mij hoort, en ze doet… lijkt op een verstandig mens die een huis op de rotsen bouwt”.

Maar waarom… waarom zou ik wat dan ook doen, waarom zou ik een huis willen bouwen?

Op deze vraag kan minstens op twee manieren gereageerd worden.

De eerste is omdat dat huis een droomhuis is, omdat als geleefd wordt volgens die Bergleer van Jezus idealen verwezenlijkt worden als vrede op aarde en gerechtigheid voor alle mensen.

Jezus’ Bergleer schildert een toekomstperspectief, doet dat wat er nu nog niet is ‘te voorschijndromen’, wekt het verlangen naar de hemel op aarde en beschrijft de weg waardoor stap voor stap die aarde uiteindelijk hemels wordt.

De mens die leeft met het oog op de toekomst van God, kan niet anders dan het leven daardoor vandáág te laten leiden, die leeft vandáág in het rijk Gods in wording die leeft vandáág op aarde zoals in de hemel.

Nu ben ik eerlijk gezegd altijd wat bang dat die Bergleer tot een benauwend moralisme leidt: je moet zus en je moet zo, dat is goed en dit is fout.

Maar ik vermoed dat als je ergens van droomt, als je ergens intens naar verlangt dat dat een benauwend, moralistisch ‘moeten’ uitsluit: als je iets heel erg graag wilt, als je iemand iets heel erg graag gunt, dan is er toch geen sprake van dwang.

Als je verlangt naar vrede, dan kun je toch niet gedwongen worden om vreedzaam te leven?

Als je droomt van wereld zonder armoede, dan kun je toch niet gedwongen worden om daar iets aan te doen?

Jezus toont ons met zijn Bergleer een levenswijze om onze toekomstdroom waar te maken, stap voor stap, dag voor dag – vandaag.

Dit is de ene reactie.

De andere, tweede reactie wordt aangezet door de profeet Sefanja.

Sefanja houdt zeer kort gezegd zijn hoorders voor dat als we opnieuw zoeken naar de Heer dat er dan toekomst is.

Jezus houdt op die berg zijn hoorders ongeveer hetzelfde voor: zoek eerst God en alle anderen dingen zullen je gegeven worden.

Als ik het met eigen woorden zeg, dat gaat het om het zoeken van God en al het andere is bijzaak – niet dat het er niet toe doet, maar het is min of meer vanzelfsprekend: wanneer je God zoekt, is er zonder meer toekomst, wanneer je God zoekt, heeft dat als vanzelf een bepaalde levensstijl tot gevolg.

Zo zegt Sefanja dat dat zoeken naar God samengaat met een zoeken naar nederigheid en rechtvaardigheid.

God zoeken gaat hand in hand met een bepaalde levenswijze, met bouwen op rotsen in plaats van op zand, God zoeken is Jezus navolgen – om naar Hem te luisteren aan de voet van de berg.

Aan die navolging gaat het verlangen naar God vooraf, zoals de dag van gisteren vooraf is gegaan aan die van vandaag.

Dat verlangen is niet van vandaag of morgen: het is dat wat ons nu en hier – hier in deze kerk heeft gebracht, dat verlangen is de bron waaruit wij leven, drijft ons voort, zet ons in beweging.

Dat wij ’s morgens weer opstaan wordt gevoed door het verlangen naar God waarmee wij gisteren in slaap zijn gevallen.

Kort gezegd: dat wij Jezus’ Bergleer ter harte nemen komt omdat wij bij God willen horen en dat ook willen laten zien door te leven zoals Hij – een leven dat zó geleefd wordt dat iedereen daar gelukzalig van wordt.

Verleden, heden, toekomst zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Wij leven in de verwachting van Gods toekomst, het rijk van vrede en gerechtigheid voor alle mensen, voor heel de schepping –

Dat is de dag van morgen die door Sefanja bezongen wordt als de dag waarop de HEER, je God, in het midden zal zijn, hij de held is die bevrijdt.

Hij zal vol blijdschap zijn, verheugd over u en mij, in zijn liefde zal hij zwijgen, in zijn vreugde zal hij over je jubelen.

Alle treurenden zal ik bijeenbrengen, verzamelen wie op je feesten moesten ontbreken.

God heeft ons, mensen, lief.

Niet sinds gisteren maar vanaf ons allereerste begin, zonder meer, onvoorwaardelijk.

Die liefde is de dragende grond van ons bestaan, van al wat is, van waaruit wij ons uitstrekken naar de toekomst, tot God.

En zo gevoed door Gods liefde leven wij vandaag niet anders dan in navolging van Jezus Gods toekomst tegemoet.

Amen.

Gebed toegeschreven aan Franciscus van Assisi

Heer, maak ons tot een werktuig van uw vrede. Waar haat het hart verscheurt, willen wij liefde brengen. Waar beledigingen worden geplaatst, willen wij vergeving brengen. Waar verdeeldheid mensen van elkaar vervreemdt, willen wij eenheid stichten. Waar dwaalleer rondgaat, willen wij vergeving schenken. Waar twijfel knaagt, willen wij geloof brengen. Waar wanhoop tot vertwijfeling voert, willen wij hoop doen herleven, waar duisternis het zicht beneemt, willen wij licht ontsteken. Waar droefheid mensen neerslachtig maakt, willen wij vreugde brengen.

Heer, maak dat wij niet zozeer zoeken om getroost te worden, als wel om te troosten; om begrepen te worden, als wel om te begrijpen; om bemind te worden, als wel om te beminnen.

Want door te geven ontvangen wij; door onszelf te verliezen vinden wij; door vergiffenis te schenken verkrijgen wij vergeving; door te sterven worden wij geboren tot eeuwig leven.

Amen
Deze afbeelding heeft een leeg alt-attribuut; de bestandsnaam is 1920px-PD-icon.svg_.png